Warming up voor musici? Toch maar doen!

Warming up voor musici? Toch maar doen!

Het is tien voor acht. De repetitie begint over 10 minuten. Je bent net op tijd in het repetitielokaal waar de toonladders je al om de oren vliegen. Links staat iemand voorover gebukt naar zijn tenen te reiken. Rechts maakt iemand grote zwaaien met zijn armen. Tref je dit wel eens aan op jouw repetitie? Waarschijnlijk niet! Warmspelen van je instrument is normaal, maar rekken en strekken om je lichaam voor te bereiden op de inspanning, dat zie je nergens.

TEKST: JANA HOUBEN * FOTO’S: FV MEDIA PRODUCTIES

Vera Baadjou is revalidatiearts en werkzaam op de 'kunstenpoli' van de afdeling revalidatiegeneeskunde van Adelante, locatie Maastricht UMC+. Ze haalde vorig jaar het NOS Journaal met haar onderzoek naar het voorkomen van lichamelijke klachten bij musici. “Vooral bij kunstenaars is het belang van een goede lichamelijke gezondheid voor het uitvoeren van hun vak een ondergeschoven kindje,” zegt Vera Baadjou. “Iedereen weet dat RSI voorkomt als je veel achter de computer zit, maar niet dat het ook voor kan komen als je bijvoorbeeld een muziekinstrument bespeelt. Als je als musicus met een klacht naar de specialist gaat, krijg je misschien te horen dat je moet rusten of een tijdje moet stoppen, maar er is altijd wel een belangrijk concert of concours dat wacht. Met dit advies kunnen musici dus niet uit de voeten.” Daarom kun je als muzikant terecht bij de 'kunstenpoli'. Maar niet alleen als muzikant, ook als danser, schilder, beeldhouwer, edelsmid of met wat voor kunstbeoefening dan ook, kun je met vakspecifieke klachten terecht bij de kunstenpoli.

Vera weet zelf ook hoe het is om een instrument vast te houden en naar een concours toe te leven. Ze speelt bugel bij fanfare Sint Cornelius in Schin op Geul. “Dit is wel belangrijk om de musici te kunnen begrijpen. Ik heb zelf niet aan het conservatorium gestudeerd, maar ik kan me wel goed in de situatie verplaatsen. Het is nodig om een klik te hebben met de doelgroep.”

GEWICHT
De meest voorkomende klachten bij musici komen voor vanaf de rug naar boven: rug, nek, armen, handen en schouders. De klachten zijn afhankelijk van het instrument, hoe je het bespeelt en hoe je het vasthoudt. “Zo zie je bij klarinettisten vaak klachten bij de duim, door het gewicht wat op de duim rust. Deze klachten kunnen doortrekken in de gehele arm. Bij blazers zie je ook problemen met de embouchure, bijvoorbeeld het niet meer goed gecoördineerd kunnen bewegen van de lippen.”
Wat betreft de klachten bij musici is er een verschil tussen amateurs en professionals. “Professionals hebben vaak klachten door het musiceren. Ze maken veel onregelmatige uren, hebben weinig invloed op het repertoire en ze moeten strikt doen wat de dirigent vraagt. Dit beperkt de autonomie van de professionele musicus. Als ze ergens last van hebben kunnen ze niet zo maar 'nee' zeggen: er moet toch brood op de plank komen.” Dit speelt bij de amateur minder. Toch zie je ook bij de amateurmuzikant soms een hele hoge belasting, bijvoorbeeld bij de voorbereiding op een concours. “In plaats van één keer per week je instrument vast te houden, ga je dat nu veel vaker doen. Op repetitiedagen ben je opeens de hele dag muziek aan het maken. Dit beïnvloedt vaak reeds bestaande klachten. Dat zijn de amateurs die ik bij de poli ook kan helpen.” Bij amateurs komen de klachten meestal niet dóór het musiceren, zoals bij professionals, maar versterkt het musiceren reeds bestaande langdurige klachten.

PIJNKLACHTEN
Zelfs studenten aan conservatoria hebben al te maken met klachten door het musiceren. Marjon van Eijsden, Vera’s voorganger op de kunstenpoli, kreeg veel studenten op het spreekuur en bedacht dat er toch iets gedaan zou moeten worden aan het preventief behandelen van pijnklachten bij musici. In die tijd is Vera begonnen bij de kunstenpoli, waar ze haar onderzoek is gestart met een vragenlijst voor studenten op conservatoria om te kunnen inventariseren hoeveel klachten er zijn bij studenten. Daaruit bleek dat 67 procent van de studenten klachten ondervindt, gerelateerd aan het veelvuldig musiceren. “Je kunt wel klachten hebben, maar ben je er ook daadwerkelijk door beperkt bij het muziek maken? Dat is namelijk nog erger,” volgens Vera Baadjou. 52 procent van de studenten bleek ook echt last te ervaren tijdens het musiceren. “Toen dachten we: als het bij de opleiding al zo erg is, dan moeten we proberen er wat aan doen.” Dit resulteerde in het Presto-project op vijf conservatoria in Nederland, gericht op zowel preventieve behandeling als behandeling van reeds bestaande klachten. In dit Presto-project, waarover Klankwijzer destijds berichtte, kwam naar voren dat klachten onder andere voortkomen uit psychische druk bij muzikanten. Je moet continu pieken, je hebt podiumangst of je bent een perfectionist. “Je bent de hele week aan het oefenen en dan kom je bij de leraar die het nog niet goed genoeg vindt. Of je bent de beste in je eigen fanfare en als je op het conservatorium komt is iedereen supergoed. Waar sta je dan? Hoe ga je daarmee om?” Deze stress heeft een lichamelijke uitwerking. Stress bouwt op in je lichaam, waardoor je je spieren niet meer optimaal kunt gebruiken. Met psychische klachten kun je dus indirect je musiceren beïnvloeden.

HOUDING
Een andere veroorzaker van klachten bij musici is een slechte houding. “Je kunt musiceren positief beïnvloeden door een goede houding te hebben. Niet alleen om klachten te voorkomen, maar ook om zo goed mogelijk te kunnen spelen. Je hebt je lichaam nodig om een instrument te kunnen bespelen en als je logisch nadenkt: als je onderuit gezakt zit in je stoel, dan kun je ook niet lekker doorademen. Je hebt geen ademsteun en je klank gaat achteruit. Biomechanisch gezien is het dan ook moeilijker om je vingers te bewegen. Het beïnvloedt je speeltechniek, waardoor je bijvoorbeeld veel meer kracht gebruikt dan eigenlijk nodig zou zijn.” Daarom, adviseert Vera, is het aan te raden samen met je muziekleraar te letten op je houding. Door de kennis van de poli (over het optimaal gebruikmaken van je lichaam) te combineren met de kennis van je muziekdocent (over het zo goed mogelijk bespelen van je instrument), optimaliseer je je spel. “Dus het is erg fijn als de docent mee wil komen naar het spreekuur.”

TE LAAT
Opvallend is dat de interesse voor de houding tijdens het musiceren meestal pas ontstaat zodra er klachten zijn. Maar als je eenmaal klachten hebt is het eigenlijk al te laat. “Bij sporters is het heel normaal dat ze beginnen met een warming-up en eindigen met een cooling-down. Als een sporter wil gaan pieken dan bouwt hij dat geleidelijk aan op. Dat is gebaseerd op hoe je lichaam functioneert. In de muziek zie je daar weinig van terug, terwijl dat juist zou kunnen helpen.” Het instrument wordt altijd warm gespeeld voor een repetitie, maar je lichaam opwarmen? Ho maar. Zelfs Vera doet hier niet aan mee. “Ik heb gisteren repetitie gehad en dan doe ik het ook niet. Op het moment dat ik klachten zou krijgen, zou ik daar pas op gaan letten.” Toch zegt ze: “Zorg dat je even je schouders en je rug losmaakt. Als muzikant heb je een goede lichamelijke conditie nodig. Voor ieder instrument is het raadzaam je lichaam voor te bereiden op de inspanning.”
En als je dan toch last krijgt van klachten bij het musiceren, blijf daar dan niet te lang mee lopen. “Muziek maken is een superleuke hobby. Als je om wat voor reden dan ook last krijgt is dat zonde. Bij de kunstenpoli kun je terecht met al je vragen. Je komt hier terecht met een verwijzing van de huisarts. De poli is heel laagdrempelig. Wacht dus niet te lang met het vragen van advies.”

Gepubliceerd: 07 FEB 2021 - 12:53
Laatste update: 07 FEB 2021 - 12:57